Utrecht University            

Rob van Gerwen's | Welcome | Teaching | Research | Contact | Weblog | Sitemap | Consilium Philosophicum

Courses | Index | Kunst en het kwaad | Filosofie in praktijk | Het Schone: kunstfilosofie | HHRS: Kunst en digitalisering | HOVO: diverse
Extra-curricular Blackboard | Leeronderzoek esthetica | Mind and Art | Art and morality | Capita Selecta Aesthetics

Rob van Gerwen

04 April 2019: 12:48

Home  blog Begrippen Blackboard
dr. Rob van Gerwen

Het Schone: filosofie van de kunsten (esthetica)

WY2V14017
periode 4, 2018-19

Inhoudsopgave (regels en opzet van de cursus)

| inhoud | leerdoelen | vooraf | inschrijving | literatuur | deadlines | locatie | bijeenkomsten |

Kunst, moet dat nou?

In Het Schone: filosofie van de kunsten (esthetica) worden moderne benaderingen van de meest interessante filosofische kwesties rond schoonheid en kunst behandeld en ruim geïllustreerd met voorbeelden die ons nu aanspreken. We zullen het hebben over Baumgarten, Hume, Kant, Hegel, Schopenhauer, Ingarden, Gadamer en Adorno. De geschiedenis van de esthetica als een zelfstandige filosofische discipline begint in de achttiende eeuw met de conceptualisering van het moderne systeem van de schone kunsten. De vraag die daarmee vanaf het begin centraal staat is die van de esthetische normativiteit: hoe beslissen we over de artistieke verdienste van een kunstwerk? Tegen het eind van de cursus kijken we naar de gedaante die deze filosofische kwestie in de hedendaagse analytische kunstfilosofie heeft.

Corto Maltese

Corto Maltese.

Hugo Pratt.

Leerdoelen

Studenten weten na afloop van de cursus hoe verschillend er over het belang van kunst en over esthetische normativiteit wordt nagedacht. Zij kennen in grote lijnen de belangrijkste filosofische theorieën over kunst uit de moderne periode. Kunstwetenschappers onder de studenten leren bovendien om kritisch naar hun eigen vakgebied te kijken.

Toetsing

* Studenten worden doorlopend formatief (niet-becijferd) getoetst: ze schrijven voor drie maandag-werkgroepen een korte reflectie over de stof van de voorafgaande week (maximaal 600 woorden). We beginnen met een oefenreflectie, (op maandag 6 mei 2019). Deze wordt alleen formatief beoordeeld: eerst in groepjes onderling, dan plenair. De overige twee reflecties lever je digitaal in—alleen die worden becijferd. Eentje halverwege (op maandag 13 mei 2019), de andere tegen het eind van de cursus (op maandag 3 juni 2019) (zie deadlines).
* Eventuele veranderingen deel ik mee via Blackboard.

* Bij de toetsen worden alle behandelde teksten en onderwerpen bekend verondersteld.

* Iedere student presenteert een reflectie op ons symposium. Het symposium vindt op twee dagen plaats, op donderdag 23 mei 2019 en maandag 17 juni 2019. De docent bepaalt, in overleg met de student, bij welke gelegenheid iemand een presentatie geeft. Dit hangt vooral af van de ruimte op de twee bijeenkomsten. Op de dag van je presentatie mag je een verbeterde versie van de betreffende reflectie inleveren (voor middernacht, als doc-file).

Zorg ervoor dat je de facultaire regels over fraude en plagiaat kent en navolgt.

Bijeenkomsten

In de hoorcolleges komt de argumentatie van de voorgeschreven literatuur aan de orde, alsook de relevantie daarvan voor de filosofische benadering van de kunsten.
Geschreven werk dat becijferd wordt, dient per email ingeleverd te worden, in een Word-doc, aangehecht aan de mail.
Nadere uitleg volgt op het eerste college.

Let op: om het beste uit deze cursus te halen wordt er door studenten geen gebruik gemaakt van laptops en smartphones tijdens de bijeenkomsten. Het is bewezen dat de concentratie er veel beter van wordt en dat je door met de hand aantekeningen te maken veel meer oppikt van de stof. Dit beleid is in overeenstemming met universiteiten in de VS en elders in Nederland, en met ons eigen honours-onderwijs.

Aanbevolen wordt om vooraf handouts van de colleges uit te printen, zodat je niet alles van de beamer presentaties hoeft over te schrijven. Zie Blackboard.

Voorbereiding werkgroepen. In de werkgroepen bespreken we korte primaire teksten en de reflecties van de studenten.
Breng, als we een reflectie bespreken twee geprinte exemplaren van je eigen reflectie mee naar de werkgroep, waarvan er één voor je werkgroepleider is. In totaal schrijft de student drie reflecties, waarvan de oefenreflectie niet becijferd wordt.
De reflectie bevat typisch een filosofische probleemstelling, een doelstelling (of these) en een in de tekst verder uitgewerkte strategie.
In deze korte reflecties (van ongeveer 600 woorden) bespreken studenten een filosofische kwestie die aansluit bij een van de theorieën die in de colleges van de voorafgaande week aan de orde zijn geweest. Je kunt je vrij laten leiden door de onderwerpen die besproken zijn; maar het is zaak een duidelijke kwestie aan de orde te stellen en hierover een eigen positie te ontwikkelen. Je kunt je hierbij laten inspireren door dit soort deelvragen (je hoeft ze niet te beantwoorden):

  1. Wat leren wij van de besproken theorie?
  2. Om welke filosofische kwestie gaat het jou?
  3. Als wij de centrale stelling van de tekst of theorie zouden aanvaarden wat zou dat dan voor implicaties voor ons moeten hebben?

Vooral de laatste vraag geeft een goede indicatie van wat er van een reflectie verwacht wordt: een filosofisch inzicht. (Kijk voor meer uitleg op Blackboard)

Aanwezigheidsplicht Om ervoor te zorgen dat iedereen in de zaal over dezelfde achtergrondkennis beschikt, geldt voor deze cursus een aanwezigheidsplicht. Mocht je onverhoopt een hoorcollege moeten missen, mail dan uiterlijk twee dagen later het bewijs dat je het ervoor gevraagde werk wel hebt gedaan: een korte samenvatting over de te lezen literatuur. Mailen aan Rob van Gerwen. Mocht je een werkgroep missen, mail dan de vereiste bijdrage z.s.m. naar je werkgroepleider.
Wie gemiste bijeenkomsten niet "compenseert", verspeelt het recht op herkansing.

Advies: We checken de samenvattingen maar op één criterium: "heeft de student zich serieus met de voorgeschreven literatuur bezig gehouden?" Slechts weinig samenvattingen die ik langs deze route ontvang voldoen als samenvatting. (Dus denk niet, als je je voor een toets aan het voorbereiden bent: "Mijn samenvattingen zijn door de docent goedgekeurd". Dat zijn ze dus niet. De verantwoordelijkheid blijft altijd bij de student.

Voorgeschreven literatuur

Rob van Gerwen. Moderne filosofen over kunst. Uitg. Klement, 2017 (tweede druk).

Aanbevolen literatuur (niet voorgeschreven)

Cahn, Steven M., and Aaron Meskin, eds. 2007. Aesthetics: A Comprehensive Anthology. Oxford: Blackwell.


Ga naar Blackboard voor meer informatie over de literatuur (zie link in menu boven, bij Extra-curriculair).

Inschrijving

De inschrijving voor deze cursus verloopt via Osiris. De wijzigingsdagen voor periode 4 zijn 1 en 2 april 2019.
Heb je problemen met inschrijving? Check het studiepunt. Je vindt hier ook de randvoorwaarden.
Studenten (HBO en WO) van buiten de Universiteit Utrecht kunnen wijsbegeerte vakken volgen. Voor inschrijving kan men bij de onderwijsadministratie een inschrijfformulier aanvragen. (E: Onderwijssecretariaat.gw@uu.nl Tel.: 030-2531831). Zie ook het studieprogramma van de minor Het Ware, het Schone en het Goede, in Osiris.

Locatie

Maandag

13.15-15.00 uur: hoorcollege

Israëlslaan 118, kelder 1.03

15.15-17.00 uur: werkgroep

Israëlslaan 118, kelder 1.03 (Rob van Gerwen)

Donderdag

11.00-12.45: hoorcollege

JansKerkhof 2-3, 019
Behalve op 9 mei, dan vindt het college plaats in: Ruppert (uithof), 119

deadlines en data
Oefenreflectie maandag 6 mei 2019, op de werkgroep Uitgeprint in tweevoud
Tussentoets maandag 20 mei 2019
Alle stof tot en met Hegel
17.00-20.00 uur
Drift 21 - 105
Twee beste reflecties maandag 13 mei 2019 en maandag 3 juni 2019 Eerst uitgeprint naar de werkgroep. Dan verbeterde versie als Word.doc (of docx) voor middernacht, aangehecht aan een email aan de docent (geen pdf!!)
Presentatie op donderdag 23 mei 2019 of op maandag 17 juni 2019 Presenteer een van je beste reflecties op een van deze twee data (datum wordt bepaald in overleg met docent).
Stuur dan een verbeterde versie voor middernacht na je presentatie als Word.doc (of docx) aangehecht aan een email aan de docent (geen pdf!!)
Eindtoets maandag 24 juni 2019
13.30-16.30 uur
Alle stof vanaf (en zonder) Hegel.
JK 2-3 - 013 (150)
Herkansingen n.n.b. n.n.b.

Philosophy of the Arts, a blog by Rob van Gerwen

De bijeenkomsten

Week 1
maandag 22 april 2019

Pasen, geen college.

donderdag 25 april 2019

Hoorcollege 1 Inleiding

Hoe zit deze cursus in elkaar? Welke regels gelden er?
Wat is filosofie? Wat zijn open en gesloten vragen?
Wat is geschiedenis van de filosofie en wat is ideeëngeschiedenis?
Wat is filosofie van de kunst? (Is het wel een zelfstandige filosofische discipline?)
Wat is schoonheid en hoe verhoudt ze zich tot kunst?
Wat is kunst?

Vragen en Posities

Waar bevinden zich esthetische waarden en eigenschappen? In het mooie object of in de aangename gewaarwording? (objectivisme versus subjectivisme)
Leveren kunstwerken ons (een speciaal soort) kennis? (cognitivisme)
Mag (en kan) kunst moreel beoordeeld worden? (autonomisme versus moralisme)
Is de vorm van de inhoud te scheiden? (formalisme vs. monisme)
Is het esthetische een onderdeel van het alledaagse, of hoort het in de musea thuis? (pragmatisme)
Is de ervaring van natuurschoonheid te vergelijken met die van een kunstwerk?

Transcendentale benadering: Wat zijn de mogelijkheidsvoorwaarden voor esthetische oordelen?
Empirisme: Zijn smaakoordelen een soort waarnemingen?
Rationalisme: Kunnen smaakoordelen bewezen worden?
Dialektiek: Hoe verhoudt de kijker zich tot het kunstwerk?
Fenomenologie: Hoe ervaart de kijker het kunstwerk?
Hermeneutiek: Hoe begrijpt de kijker het kunstwerk?
Kritische theorie: Verandert het kunstwerk de samenleving?
Taalanalyse: Hoe moeten we de dingen begrijpen die we over kunst zeggen?

Waar we op college naar gaan kijken:

Late Show: discussie over esthetische kwaliteit

Vooraf lezen

Rob van Gerwen, 2016. “I Schone kunst. ” In Moderne filosofen over kunst, 15–37.
Week 2
maandag 29 april 2019

Hoorcollege 2 Baumgarten: kunst als zintuiglijke kennis

Een mooi kunstwerk presenteert perfecte kennis van de zintuiglijke soort.
Of, zoals Baumgarten het zegt: "Het doel van de esthetica is de perfectie (vervolmaking) van de zintuiglijke kennis als zodanig. Daarmee is echter de schoonheid bedoeld." (Aesthetica, § 14).

Wat er op college besproken wordt
Alexander Gottlieb Baumgarten (1714-1762) rationalist, cognitivist vatte de esthetica op als een filosofische discipline die én over de zintuiglijkheid én over kunst gaat. De esthetica zit dus vanaf het begin op twee sporen. Volgens Baumgarten perfectioneert de kunstenaar zijn zintuiglijke waarneming (dankzij zijn 'analogon rationis') en presenteert grootse kunst perfecte zintuiglijke kennis. We zullen op college bespreken wat daar allemaal in vervat is: in het analogon rationis van de kunstenaar en in die perfecte kennis die in het kunstwerk zou zitten.
De disciplinekwestie: epistemologie vs. esthetica

Waar we op college naar gaan kijken:

  • Chantal Akerman: News from Home

Vooraf lezen

Rob van Gerwen, 2016. “II Alexander Gottlieb Baumgarten.” In Moderne filosofen over kunst, 39–62.


Verdieping (facultatief)

Gottfried Wilhelm Leibniz: The Monadology online

Werkcollege 1 Kristeller: het moderne systeem van de schone kunsten

Vooraf lezen

Kristeller, Paul Oskar. 2008. “The Modern System of the Arts.” In Aesthetics: A Comprehensive Anthology, edited by Steven M. Cahn and Aaron Meskin, 3–15. Oxford: Blackwell. (Zie ook Blackboard)
donderdag 2 mei 2019

Hoorcollege 3 Hume: over smaak valt best te twisten (of toch niet?)

"Strong sense, united to delicate sentiment, improved by practice, perfected by comparison, and cleared of all prejudice, can alone entitle critics to this valuable character; and the joint verdict of such, wherever they are to be found, is the true standard of taste and beauty."

Wat er op college besproken wordt
David Hume (1711-1776), empirist, subjectivist meende dat, ook al zijn we het er vaak over eens wat de meesterwerken zijn (zeker nadat ze de tand des tijds hebben doorstaan), iedereen toch zijn eigen beleving van kunstwerken heeft, vooral omdat niet iedereen even goed kijkt en er dezelfde soort kennis en vaardigheden bij gebruikt. Vanwaar die onbetwistbaarheid van de smaakoordelen, wat is de rol van de discussie die critici met hun tijdgenoten voeren, wat maakt de goede criticus uit? Hoe laat zich Hume's subjectivisme verdedigen?
De verhouding tussen onze waarneming en ons gevoel (het schoonheidssentiment):
primaire en secundaire kwaliteiten (Locke)
... en tertiaire (Scruton).
De waarheid van het smaakoordeel (Savile)

Waar we op college naar gaan kijken:

  • Luis Bunuel: Un Chien Andalou

Vooraf lezen

Rob van Gerwen, 2016. “III. David Hume.” In Moderne filosofen over kunst, 63–92.


Verdieping (facultatief)

Hume, David. 1985. “Of the Standard of Taste.” In Essays Moral Political and Literary, 226–250. Indianapolis: Liberty Fund, al. 15 e.v.: de vergelijking met de wijnproevers. Edmund Burke: A Philosophical Inquiry into the origin of our ideas of The Sublime and Beautiful here
Week 3
maandag 6 mei 2019

Hoorcollege 4 Kant over het (zuivere) smaakoordeel

Als iets mooi is, bezorgt het ons een vrij spel der kenvermogens. De autonomie van het esthetische ervaringsdomein.

Wat er op college besproken wordt
Immanuel Kant (1724-1804), transcendentaal subjectivist: om iets (wat dan ook) terecht mooi te vinden moet men van goede huize komen: men moet ervoor abstraheren van zijn (morele en esthetische) waarden, zijn kennis, concepten in het algemeen, zintuiglijke prikkelingen, belangen en doelen, en moet zich in volle vrijheid op de formele eigenschappen van het object concentreren.
De disciplinekwestie: epistemologie vs. esthetica; theorie van de zintuiglijkheid; rol van de verbeelding in het kennen.
Schijn van een formalisme

Waar we op college naar gaan kijken:

J.S. Bach: Golberg Variationen [Gould, Schiff of Leonardt: gaat het om de tonen of de formele structuur]

Vooraf lezen

Rob van Gerwen, 2016. “IV. Immanuel Kant over schoonheid.” In Moderne filosofen over kunst, 93–116.


Verdieping (facultatief)

Gerwen, Rob van. 1999. “Kant on What Pleases Directly in the Senses.” Issues in Contemporary Culture and Aesthetics 9:71–83. enlisted only

Werkgroep 2 Oefenreflectie over Kristeller, Baumgarten en/of Hume

Vandaag bespreken jullie de oefenreflectie aan de hand van de rubrics (zie Blackboard); eerst in groepjes, dan plenair. Deze reflectie gaat over het moderne systeem van de schone kunsten, Baumgarten en/of Hume. Deze reflectie wordt niet becijferd; hij is om te oefenen. Dus oefen goed en bekijk vooraf de rubrics waarmee de reflecties beoordeeld worden.

donderdag 9 mei 2019

Hoorcollege 5 Kants kunstfilosofie

Ook schone kunst is doelmatig zonder (extern) doel. Het schoonheidsideaal treedt daar op waar een wezen zijn bestemming van binnenuit zelf voortbrengt, d.w.z. alleen bij de (morele) mens.

Wat er op college besproken wordt
Kant over kunst (expressivisme en een ethisch soort autonomisme): Omdat kunst altijd bedoeld is, ontkom je er niet aan haar onzuiver te beoordelen. Men hoeft over kunst ook niet zuiver te kunnen oordelen. Kunst raakt onze ziel, ons moreel innerlijk. En ideale schoonheid is alleen daar waar zo'n moreel innerlijk wordt uitgedrukt.
De hiërarchie der kunsten.

Waar we op college naar gaan kijken:

Potemkin

Pantserkruiser Potemkin. (trappenscène)

Sergei Eisenstein.


Vooraf lezen

Rob van Gerwen, 2016. “V. Immanuel Kant over kunst.” In Moderne filosofen over kunst, 117–145.
Kant: Kritik der Urteilskraft, § 17 "Vom Ideale der Schönheit" (of de Engelse vertaling van Werner Pluhar, op Blackboard)


Verdieping (facultatief)

Gerwen, Rob van. 2001. “On Exemplary Art as the Symbol of Morality. Making Sense of Kant’s Ideal of Beauty.” In Kant und die Berliner Aufklärung. Akten des IX. Kant Kongresses, Volume 3, 553–62. Berlin, New York: Walter de Gruyter. enlisted only
Kant, Immanuel. 2008. “Critique of Judgment.” In Aesthetics: A Comprehensive Anthology, edited by Steven M. Cahn and Aaron Meskin, 146–56. Oxford: Blackwell.
Week 4
maandag 13 mei 2019

Hoorcollege 6 Hegel: kunst en de geest

De filosofie is zo ver ontwikkeld dat kunst van haar taak (van weergave van zelfbewustzijn van de geest) verlost is: "het einde van kunst".

Wat er op college besproken wordt
Georg Wilhelm Friedrich Hegel (1770-1831), dialektiek, monisme: in een mooi (schön) kunstwerk zijn het materiaal en de geest (Geist) onlosmakelijk.
De geschiedenis is een opeenvolging van perioden waarin kunst, religie en filosofie erom strijden wie het beste soort zelfbewustzijn van de geest voortbrengt.
In de geschiedenis van de kunst van de Egyptenaren, via de klassieke Grieken, naar de 'hedendaagse' Romantische kunsten is te zien hoe kunst langzaam maar zeker overbodig wordt.
Het einde van de kunst
De disciplinekwestie: epistemologie vs. esthetica; filosofie vs. kunst.

Vooraf lezen

Rob van Gerwen, 2016. “VI. G.W.F. Hegel.” In Moderne filosofen over kunst, 147–176.


Verdieping (facultatief)

Gerwen, Rob van. 2000. “Hegel’s Dialectics was Geared to Art. He Had No Business ‘Ending’ It.” In Hegels Ästhetik. Die Kunst der Politik–Die Politik der Kunst, edited by Karol Bal Andreas Arndt and Henning Ottmann, Volume 2000, 68–74. Berlin: Akademie Verlag. »  Hegel Geared To Art (134K)

Werkgroep 4 deadline reflectie over Kant

Bespreking eerste reflectie, over Kants esthetica, in groepjes. Deze reflectie moet voor middernacht digitaal ingediend worden en wordt becijferd, tenzij je er een presentatie over geeft op donderdag 23 mei 2019 (dan geldt die datum als deadline). Daarnaast bespreken we vragen over, of naar aanleiding van Kant en Hegel.

donderdag 16 mei 2019

 
Geen college. Bereid je voor op de tussentoets

Week 5
maandag 20 mei 2019
Alle stof tot en met Hegel
17.00-20.00 uur

Tussentoets

Drift 21 - 105

Alle stof tot en met Hegel.


donderdag 23 mei 2019

 
Symposium, deel 1. (± 10 presentaties)

Deadline eerste beste reflectie voor studenten die vandaag de presentatie doen.

Week 6
maandag 27 mei 2019

Hoorcollege 7 Schopenhauer: jezelf vergeten in kunst

De muziek verlost ons van het lijden aan de wereld. Kunst maakt het leven draaglijk.

Wat er op college besproken wordt
Volgens Arthur Schopenhauer (1788-1860) kennen we de wereld altijd alleen als Vorstellung, maar nooit zoals ze in zichzelf is. En de wereld 'als Vorstellung' kennen, betekent dat ze zich altijd altijd al geschikt heeft naar de vormen en categorieën van onze kenvermogens (dat had Kant goed gezien). Wat we dan kennen is altijd al geïndividueerd, en daarmee begint ons lijden: want individuen zitten elkaar onherroepelijk in de weg. We kunnen alleen ontkomen aan dit lijden aan de werkelijkheid wanneer we ophouden de wereld als kenner tegemoet te treden. Dat kan bijvoorbeeld door ons exclusief op de algemene vormen van de dingen te richten (dat had Plato goed gezien). Echter helemaal los van de principia individuationis komen we daarmee niet.
Echt in contact met de wereld zoals ze in zichzelf is, de wereld als wil, als blinde streving, komen we via meditatie, of, tijdelijk: via kunst.
Via kunst komen we in contact met de Platoonse idee achter het een of ander en zolang we in het werk opgaan, zolang zijn ze we van onze eigen individualiteit verlost. Niet alle kunsten zijn hier even goed in. De tragedie doet het beter dan de schilderkunst, maar het allerbeste doet de muziek het: die is pure verklanking van strevingen en wederstrevingen.

Vooraf lezen

Rob van Gerwen, 2016. “VII. Arthur Schopenhauer.” In Moderne filosofen over kunst, 177–199.


Verdieping (facultatief)

Nietzsche, Friedrich: Götzendämmerung: "Wie die "wahre Welt" endlich zur Fabel wurde."

Werkgroep 5 Nietzsche over twee krachten in de kunst

We bespreken in de werkgroep passages uit Nietzsches boek Geburt der Tragödie.
Mede uit bewondering voor Schopenhauers benadering onderscheidt Nietzsche in zijn dissertatie, Die Geburt der Tragödie aus dem Geiste der Musik, twee krachten in de kunsten: een apollinische kracht van de vorm (de droom, het beeld) en een dionysische kracht van de oerdrift (de roes, dronkenschap). Het is niet moeilijk om hier Schopenhauers onderscheid tussen de Voorstelling en de Wil terug te zien.

Vooraf lezen

Nietzsche, Friedrich. 2008. “The Birth of Tragedy.” In Aesthetics: A Comprehensive Anthology, edited by Steven M. Cahn and Aaron Meskin, 222–32. Oxford: Blackwell.
(Lees evt. de originele Duitse tekst, sla "Versuch einer Selbstkritik" en "Vorwort an Richard Wagner" over, en lees dan paragrafen 1, 2, 3, 4 en 7.)
donderdag 30 mei 2019 (Hemelvaart)

Geen colleges

Week 7
maandag 3 juni 2019

Hoorcollege 8 Ingarden, de fenomenologie van de esthetische houding

Een goed kunstwerk drukt de metafysische waarden van het leven uit. (Een eerste expressie-theorie van kunst?)

Wat er op college besproken wordt
Roman Ingarden (1893-1970), fenomenoloog, subjectivistisch cognitivisme: de esthetische ervaring van kunst houdt een breuk met de alledaagse ervaring in die zijn weerga niet kent. In een esthetische ervaring staat het esthetische object centraal: esthetische waarden.
Ingarden onderscheidt tussen materiële objecten (1) (het schilderij aan de muur, met die en die meetbare eigenschappen (omvang, gewicht)), kunstwerken (2), potentiële objecten met lacunes die nog ingevuld moeten worden; die pas als ze in de esthetische ervaring van de beschouwer tot een samenhangend esthetisch object (3) leiden, zich als kunst realiseren.
Kunstwerken kunnen op vele momenten (en manieren) zo'n esthetische ervaring verknoeien en een negatief eindoordeel over hun artistieke waarde 'verdienen'. Is een kunstwerk geslaagd, en een ervaring tot het einde toe volvoerd, dan beleven we een Gestalt kwaliteit, die ons metafysische waarden van het leven bijbrengt.

Het geslaagde kunstwerk is dus de expressie van iets niet-materieels.

Waar we op college naar gaan kijken:

Robert Bresson: L'argent

Vooraf lezen

Rob van Gerwen, 2016. “VIII. Roman Ingarden.” In Moderne filosofen over kunst, 201–222.

Werkgroep 6 + Deadline reflectie

Bespreking in groepjes van de voorlaatste versie van je tweede reflectie, over Schopenhauer, Nietzsche of Ingarden. Deze reflectie wordt becijferd; Hij moet voor middernacht na de werkgroep digitaal ingediend worden, tenzij je er een presentatie over geeft op maandag 17 juni 2019 (dan geldt die datum als deadline).

donderdag 6 juni 2019

Hoorcollege 9 Gadamer, kunst en geschiedenis.

Het begrijpen van de mens vangt aan met de kunst.

Wat er op college besproken wordt
Hans-Georg Gadamer (1900-2001), hermeneuticus, cognitivist: Het grootste probleem waarvoor de mens gesteld is, is de ander te begrijpen. Dit is nergens prangender dan bij mensen uit andere tijden en culturen. Hoe kunnen wij weten wat zij ervaren (hebben)? Hoewel dit een historisch dan wel antroplogisch probleem is, vormt kunst er een primaire oplossing voor. Een kunstwerk wordt namelijk door iedereen gelijktijdig ervaren.

Waar we op college naar gaan kijken:

Peter Greenaway: TV-Dante (beeld en interpretatie)

Vooraf lezen

Rob van Gerwen, 2016. “IX. Hans-Georg Gadamer.” In Moderne filosofen over kunst, 223–246.


Verdieping (facultatief)

Gerwen, Rob van. 2001. “Gadamer over gelijktijdigheid.” Feit & fictie V:120–28. (zie Blackboard). Heidegger, Martin. 2008. “The Origin of the Work of Art.” In Aesthetics: A Comprehensive Anthology, edited by Steven M. Cahn and Aaron Meskin, 344–57. Oxford: Blackwell.
Week 8
maandag 10 juni 2019 (Pinksteren)

 
Geen bijeenkomsten.

donderdag 13 juni 2019

Hoorcollege 10 Adorno: Kunst als het schijnen der waarheid

"Zur Selbstverständlichkeit wurde, daß nichts, was die Kunst betrifft, mehr selbstverständlich ist, weder in ihr noch in ihrem Verhältnis zum Ganzen, nicht einmal ihr Existenzrecht." Ästhetische Theorie, 9.

Wat er op college besproken wordt
Theodor Wiesengrund Adorno (1903-1969), Kritische Theorie, negatieve dialektiek, particularist: Denken volgens de gebruikelijke categorieën is identificeren, een identiteit geven, identiek maken. Niet alleen stelt zulk denken ons in staat de wereld, de natuur en onszelf te beheersen; het negeert ook de particulariteit van het eenmalige.
Kunst kan ons tijdelijk van die onderdrukking redden, ze kan de waarheid doen oplichten. Om geen identificerende afbeelding te produceren, zoals we die van de televisie en de reclame kennen, maar een waar beeld, moet een kunstwerk gemaakt zijn volgens de verst gevorderde technieken en met hedendaagse materialen.

Waar we op college naar gaan kijken:

Stephen Spielberg: Schindler's list
Claude Lanzmann: Shoah

Vooraf lezen

Rob van Gerwen, 2016. “X. Theodor W. Adorno.” In Moderne filosofen over kunst, 247–273.


Verdieping (facultatief)

Claude Lanzmann: "Schindler's List is een onmogelijk verhaal" enlisted only [Ook op Blackboard]
Discussie over Lanzmann's artikel ['work in progress'; voel je vooral uitgenodigd tot commentaar].
Week 9
maandag 17 juni 2019

 
Symposium, deel 2. (± 20 presentaties)
Deadline tweede beste reflectie

donderdag 20 juni 2019

 
Geen college. Bereid je voor op de eindtoets

Week 10
maandag 24 juni 2019
13.30-16.30 uur
Alle stof vanaf (en zonder) Hegel.

Eindtoets

JK 2-3 - 013 (150)