Utrecht University            

Rob van Gerwen's | Welcome | Teaching | Research | Contact | Weblog | Sitemap | Consilium Philosophicum

Courses | Index | Guest lectures | Inleiding kunstfilosofie (UU) | Kunst en het kwaad (UU) | Wetenschapsfilosofie in contex (UU) | HUM291 Reason, Truth and Beauty (UCU)
Extra-curricular Blackboard | UCU-Workspace | Tutoraat | Academische Master | Scripties | Leeronderzoek esthetica | Mind and Art | Art and morality | Capita Selecta Aesthetics

Rob van Gerwen

19 October 2015: 13:06

Home  blog Begrippen Blackboard

Perspectieven op praktijk

WR1V13002
periode 2, 2015-16

dr. Katja Rakow
dr. Rob van Gerwen (coördinator)

Inhoudsopgave (regels en opzet van de cursus)

| inhoud | leerdoelen | vooraf | inschrijving | literatuur | deadlines | locatie | bijeenkomsten |

Hoeveel praktijken zijn er wel niet?

Volgens bepaalde theorieën is "praktijk" het belangrijkste begrip om inzicht te krijgen in de wereld waarin wij leven. Een praktijk is een samenhangend geheel van handelingen, en de producten daarvan, gestuurd door specifieke regels, waarden en verwachtingen. 'Bidden', bijvoorbeeld, is een religieuze praktijk, en ook kunst is vruchtbaar als een praktijk te begrijpen. Beide praktijken kunnen misschien ook op geen andere manier gedefiniëerd worden.
Praktijkbenaderingen spelen een belangrijke rol in zowel de religiewetenschappen als de filosofie. Religie wordt in wetenschappelijke discussies benaderd als een fenomeen dat niet louter tot innerlijk geloof kan worden gereduceerd maar in een sociale context moet worden begrepen. En het belang van waarden, regels en verwachtingen in menselijk gedrag is onderwerp van verschillende deelgebieden van de filosofie, met name de praktische filosofie (ethiek, esthetica, wijsgerige antropologie en politieke filosofie). De vraag "Hoeveel praktijken zijn er wel niet?" veronderstelt dat we de grenzen en identiteit van praktijken eenduidig kunnen vaststellen—het is uiteraard de vraag of dat inderdaad (altijd) kan.
In deze cursus staan filosofische en religiewetenschappelijke praktijktheorieën centraal en worden concrete 'typen' praktijken onderzocht: a) Rituelen, zoals religieuze handelingen, nationale feesten, of magie; b) Zelfpraktijken, zoals biechten, psychotherapie of cosmetische chirurgie; c) Uitwisselingen van objecten en diensten, zoals offerrituelen, orgaandonatie en markttransacties - er zijn ook grenzen aan wat überhaupt uitruilbaar is. In de analyse van deze verschillende typen praktijken wordt aandacht geschonken aan de rol die macht, actorschap, waarden, regels, achtergrondkennis, en het gebruik van materiële objecten in praktijken spelen.

thumb

Is Facebook een praktijk?

Leerdoelen

Studenten krijgen inzicht in filosofische en religiewetenschappelijke methoden en praktijktheorieën. Ze zijn in staat om concrete gebeurtenissen en sociale verschijnselen aan de hand van de praktijkbenadering te analyseren.

Toetsing

* De toetsing voor deze cursus bestaat uit een schriftelijke tussentoets (30%), aanwezigheid (inclusief reflecties, zie hieronder) (20%), een eindpresentatie (15%) en een schriftelijke eindtoets (35%).
* Studenten worden doorlopend formatief (niet-becijferd) getoetst: ze schrijven voor iedere maandag-werkgroep (behalve de allereerste) een korte reflectie over de stof van de voorafgaande week (maximaal 600 woorden). In de werkgroep worden deze reflecties kritisch besproken; eerst in groepjes onderling, dan plenair.
Je twee beste reflecties (welke dat zijn, bepaalt de student zelf) lever je digitaal in—die worden becijferd. Eentje halverwege de cursus, de andere aan het eind (zie deadlines).
* Eventuele veranderingen delen we mee via Blackboard.

Bijeenkomsten

In de hoorcolleges komt de argumentatie van de voorgeschreven literatuur aan de orde, alsook de relevantie daarvan voor de filosofische en religiewetenschappelijke benadering van praktijken.
Geschreven werk dat becijferd wordt, dient per email ingeleverd te worden, in een Word-doc, aangehecht aan de mail.

Hoe papers en reflecties in te leveren?

Lever je schrijfwerk in in een word-file (geen pdf) aangehecht aan een e-mail.
Mail je twee "beste reflecties" aan de coördinator van de cursus, Rob.

Volg alsjeblieft deze conventie:
1. In de tekst zet je duidelijk naam en student-nummer bovenaan.
2. Noem de file zo:
Achternaam eerste beste reflectie Praktijk Katja.doc
is voor iemand die Achternaam heet, en zijn/haar eerste beste reflectie oorspronkelijk voor een werkgroep van Katja heeft geschreven.
Of (als je een paper indient):
Achternaam paper1 Praktijk.docx
Plaats geen punten of komma's in de file-naam, behalve de ene punt voor .doc of .docx

[Dit is om te voorkomen dat we op de deadline 130 teksten ontvangen met de naam "paper1.doc", "paper.docx", enz. (Geeft ons veel onnodig werk te doen.)]

Voorbereiding werkgroepen. In de werkgroepen bespreken we de reflecties van de studenten op de teksten van de voorafgaande week.
Breng twee geprinte exemplaren van je reflectie mee naar de werkgroep, waarvan er één voor je werkgroepleider is. In totaal schrijft de student vijf reflecties, alleen dan gelden de cijfers voor de twee ingeleverde reflecties voor 100% mee; voor iedere reflectie te weinig ter werkgroep ingeleverd, geldt een procentuele aanpassing van die cijfers.
In de reflectie begin je met een probleemstelling (doorgaans uit de literatuur gehaald), een these daarover en een strategie: hoe denk je over het probleem; welke oplossing sta je voor? Geef duidelijke argumenten voor je overwegingen.
In deze korte reflecties bespreken studenten een filosofische of religiewetenschappelijke kwestie die aansluit bij een van de theorieën die in de colleges van de voorafgaande week aan de orde zijn geweest. Je kunt je vrij laten leiden door de onderwerpen die besproken zijn; je kunt je hierbij laten inspireren door dit soort deelvragen (je hoeft ze niet te beantwoorden!):

  1. Wat kunnen wij van (een van) de besproken theorieën leren?
  2. Welke nieuwe filosofische of religiewetenschappelijke inzichten zitten erin?
  3. Hoe verhoudt de centrale these zich tot die van andere posities?
  4. Als wij de centrale stellingen van de tekst zouden aanvaarden wat zou dat dan voor implicaties voor ons moeten hebben?

Vooral de laatste vraag geeft een goede indicatie van wat er van een reflectie verwacht wordt: een filosofisch of religiewetenschappelijk inzicht.

Nederlands en Engels De werkgroepen onder leiding van Rob van Gerwen zijn in het Nederlands, en hierin ligt de nadruk op de filosofische benadering; de werkgroepen onder leiding van Katja Rakow zijn in het Engels, en hierin ligt de nadruk op de religiewetenschappelijke benadering. Let op: Katja en Rob begeleiden de werkgroep om de week.

Aanwezigheidsplicht Om ervoor te zorgen dat iedereen in de zaal over dezelfde achtergrondkennis beschikt, geldt voor deze cursus een aanwezigheidsplicht. Mocht je onverhoopt een hoorcollege moeten missen, mail dan uiterlijk twee dagen later het bewijs dat je het ervoor gevraagde werk wel hebt gedaan: een korte samenvatting over de te lezen literatuur. Mailen aan de cursus-coördinator: Rob van Gerwen.
Mocht je een werkgroep missen, mail je reflectie dan binnen twee dagen naar de werkgroepleider van de gemiste werkgroep. Omdat je aanwezigheid in de werkgroep ook een bijdrage is aan het welslagen van de bijeekomst, geldt dat een reflectie die buiten de werkgroep is ingediend maar voor 0,8 meetelt (ipv. voor 1).
Wie gemiste hoorcolleges niet "compenseert", verspeelt het recht op herkansing.

Bij de toetsen worden alle behandelde teksten en onderwerpen bekend verondersteld, maar de nadruk bij de eindtoets ligt op de stof sinds de tussentoets.

Advies: We checken de samenvattingen maar op één criterium: "heeft de student zich met de voorgeschreven literatuur bezig gehouden?" Slechts weinig samenvattingen die ik langs deze route ontvang voldoen als samenvatting. (Dus denk niet, als je je voor een toets aan het voorbereiden bent: "Mijn samenvattingen zijn door de docent goed gekeurd". Dat zijn ze dus niet. De verantwoordelijkheid blijft altijd bij de student.

Conferentie In de laatste week is een kleine conferentie gepland waarin studenten een presentatie geven, van maximaal 20 minuten. Het onderwerp van de presentatie kan ofwel een betoog zijn gebaseerd op de reflecties die je zoal geschreven hebt, of een ander onderwerp dat met de stof samenhangt.

Voorgeschreven literatuur

Losse artikelen, aangeleverd via Blackboard (zie menu boven, bij Extra-curriculair).

Inschrijving

De inschrijving voor deze cursus verloopt via Osiris.
Heb je problemen met inschrijving? Check het studiepunt. Je vindt hier ook de randvoorwaarden.
Studenten (HBO en WO) van buiten de Universiteit Utrecht kunnen F&R vakken volgen. Voor inschrijving kan men bij de onderwijsadministratie een inschrijfformulier aanvragen. (E: Onderwijssecretariaat.gw@uu.nl Tel.: 030-2531831).

Locatie

Maandag

13.15-15.00 uur: werkgroep

WG: ICU Descartes, 107

15.15-17.00 uur: hoorcollege

ICU Spinoza, 110

Donderdag

11.00-12.45: hoorcollege

Drift 21, 0.03

Deadlines en speciale data
Reflecties op de werkgroep Uitgeprint in tweevoud
Film Donderdag 19 november 2015 9.00-11.00 u: Drift 13, 0.04
Tussentoets Maandag 7 december 2015, 13.30-16.30 uur Drift 13, 0.04
Twee beste reflecties Donderdag 3 december 2015 en
Maandag 11 januari 2016
Word.doc aangehecht aan een email aan de werkgroepdocent (geen pdf!!)
Conferentie Maandag 11 januari 2016 13.15-17.00 uur: ICU Descartes,
groep A: 006; groep B: 007
Eindtoets maandag 18 januari 2016, 13.30-16.30 uur MIN, 2.08 (Minnaert-gebouw)

De bijeenkomsten

Week 1

Maandag 9 november 2015
Werkgroep 1 Inleiding (RVG) Introduction (KR)

Maandag 9 november 2015
College 1 Inleiding: Filosofische benaderingen van praktijken (RvG)

Wat er op college besproken wordt
Hoe gaan we in deze cursus te werk? Wat is filosofie? Wat zijn open en gesloten vragen? Wat is religiewetenschap? Hoe wordt er vanuit deze verschillende benaderingen over praktijken gedacht? Wat is een praktijk? Zonder toewijding geen praktijk, maar is georganiseerde toewijding voldoende om van een praktijk te spreken? Kun je toegewijd zijn aan een immorele praktijk, ofwel: hoe verhouden praktijken zich tot de moraal? En hoe verhouden ze zich tot instituties en de wet?
Wat zijn de thema's? Vandaag: een overzicht van filosofische benaderingen van praktijk. De verdiensten van de pragmatische benadering.
Theorie versus praktijk; een kort historisch overzicht; Karl Marx, Martin Heidegger, en Wittgenstein over taalspelen.


Vooraf lezen:

Niets


Verdieping (facultatief):

Nicolini, Davide. 2012. Chapter "Praxis and Practice Theory: A Brief Historical Overview" in Practice Theory, Work, and Organization. An Introduction, 23–43. Oxford: Oxford University Press.
Donderdag 12 november 2015

Hoorcollege 2 Introduction: Looking at Practices from a Religious Studies Perspective (KR)

"By singing Gospel hymns and looking at pictures of the tortured Jesus, this African American family internalized a set of religious ideals. They practiced their religion, as one would practice the piano in order to become a competent pianist. The symbol systems of a particular religious language are not merely handed down, they must be learned through doing, seeing, and touching." Colleen McDannell, Material Christianity, 2.

Wat er op college besproken wordt
There are different ways to approach religion. What difference does it make to look at religion as a system of belief and symbols in comparison to looking at religion as a practice? How does the distinction between the sacred and the profane shape the way we look at practices in the context of religion? What do we talk about when we talk about religious practices?


Vooraf lezen:

Lopez, Donald. 1998. "Belief" in Critical Terms for Religious Studies, ed. Mark C. Taylor, 21—35. Chicago: The University of Chicago Press.
McDannell, Colleen. 1995. Chapter "Material Christianity" in Material Christianity: Religion and Popular Culture in America, 1—16. New Haven: Yale University Press.


Verdieping (facultatief):

Vásquez, Manuel A. 2011. Chapter "'Ceci n'est pas un texte' — From Textualism to Practice" in More Than Belief: A Materialist Theory of Religion, 231—257. Oxford: Oxford University Press.
Week 2

Maandag 16 november 2015
Werkgroep 2 (KR)

Maandag 16 november 2015

Hoorcollege 3 Practice Theories and Spatial Practices (KR)

"A practice is thus a routinized way in which bodies are moved, objects are handled, subjects are treated, things are described and the world is understood." Reckwitz, "Toward a Theory of Social Practice," 250.

Wat er op college besproken wordt
Different social theories locate the social in different ways, for example in minds (cultural mentalism), discourses (textualism), interactions (intersubjectivism) or practices (practice theories). What is the framework of practice theory and what status is assigned to bodies, minds, artifacts, actions, agents, discourses, knowledge and affects in a praxeological framework compared to other cultural theories?
We will take a closer look at how religious practitioners create the space they inhabit and how religious sensibilities are shaped by these very spaces. We will discuss if and how a praxeological perspective might help us to understand religion, its actors and its practices in a more comprehensive way.


Vooraf lezen:

Reckwitz, Andreas. 2002. "Toward a Theory of Social Practices: A Development in Culturalist Theorizing" in European Journal of Social Theory 5(2), 243—263.
Tweed, Thomas A. 2011. "Space" in Material Religion 7(1), 116—123.


Verdieping (facultatief):

Reckwitz, Andreas. 2012. "Affective spaces: a praxeological outlook" in Rethinking History 16(2), 241—258.
Donderdag 19 november 2015

Film: Locke (9.00-11.00u: Drift 13, 0.04)
Vandaag bekijken we ook Locke, een film die ons veel vertelt over de manier waarop praktijken afhangen van de toewijding van de deelnemers, en van andere zeer subtiele dingen.

Hoorcollege 4 Praktijk definiëren (RvG)

``If a concept of this kind applies, this often provides someone with a reason to act, though that reason need not be a decisive one and may be outweighed by other reasons [...]'', B. Williams, Ethics and the Limits of Philosophy, 140.

Wat er op college besproken wordt
Een werkdefinitie van praktijk zou moeten verwijzen naar dikke (Williams) waarneming van affordances (Gibson), ofwel taalspelen (Wittgenstein). Daarnaast naar complexe interne feed-back mechanismen tussen centrale objecten, doelen, intenties, ervaringen, instituties en handelingen. Kunnen praktijken praktijken uit- of insluiten? Waar ligt de grens tussen de ene en de andere praktijk?

``Als je bij een vreemde stam kwam waarvan je de taal helemaal niet kende, en je wilde weten welke woorden correspondeerden met `goed', `fijn', etc., waar zou je dan naar zoeken? Je zou zoeken naar glimlachen, gebaren, voedsel, speelgoed.'', Wittgenstein, 2:6)


Vooraf lezen:

Bourdieu, Pierre. 1990. "The Logic of Practice", Chapter 5 of The Logic of Practice, 80–97. Translated by Richard Nice. Polity Press.
Ludwig Wittgenstein. 1992. Filosofische onderzoekingen (1953). Vert. door Maarten Derksen en Sybe Terwee. Amsterdam: Boom, pp. 13-29.


Verdieping (facultatief):

Ludwig Wittgenstein. 1938–1946. Lectures & Conversations on Aesthetics, Psychology and Religious Belief. Berkeley and Los Angeles: University of California Press.
Bernard Williams. 1985. Ethics and the Limits of Philosophy. London: Fontana Press.
Week 3

Maandag 23 november 2015
Werkgroep 3 (RvG)

Maandag 23 november 2015

Hoorcollege 5 Deugden en praktijken. (RvG)

"A virtue is an acquired human quality the possession and exercise of which tends to enable us to achieve those goods which are internal to practices and the lack of which effectively prevents us from achieving any such goods." p. 191.

Wat er op college besproken wordt
Wat zijn deugden en wat zijn er de criteria voor? Bij Homerus lijkt er eerder sprake van uitmuntendheid dan van iets wat wij onder deugd verstaan. En Aristoteles' nadruk op vriendschap is heel anders dan de onze; of zijn phronesis, praktische wijsheid, wat een intellectuele deugd is maar weer geen theoretische kennis. Voor Paulus en Aristoteles, is een deugd "[...] a quality the exercise of which leads to the achievement of the human telos." MacIntyre, p. 184. De vraag is dan uiteraard wat dat telos is. Als verschillende denkers met verschillende lijsten met deugden komen, is er dan wel een gedeeld deugd-concept? MacIntyre beantwoordt die vraag tegen de achtergrond van drie punten: 1. Deugden spelen binnen praktijk en; 2. ze gaan gepaard met een narratieve ordening van het leven van een mens en 3. een morele traditie.
MacIntyres definitie verduidelijkt deze verbanden (zie hiernaast).


Vooraf lezen:

Alasdair MacIntyre. 1981. After Virtue. South Bend, Indiana: University of Notre Dame Press [Ch. 14, p. 181-203].


Verdieping (facultatief):

Foucault:zelftechniekenFoucault, M. 2004. Hoofdstuk Zelftechnieken in Breekbare Vrijheid, 111–148. Amsterdam: Boom / Parresia.
Donderdag 26 november 2015

Hoorcollege 6 The Corporalization of the Sacred: The Practice of Rendering the Invisible Visible (KR)

"The materialization of religious worlds includes a process that might be called the corporalization of the sacred. I mean by this a practice of rendering the invisible visible by constituting it as a presence for oneself and for others." Robert A. Orsi, Between Heaven and Earth, 74.

Wat er op college besproken wordt
How does religion become materialized, embodied and experienced? How is the invisible world made visible and tangible? How is the religious subject, the pious believer, the fervent practitioner created? Which practices are involved in these acts of materialization, habituation and subjectivation? We will take a closer look at the practices and processes in and through which religion becomes inscribed and experienced through the body of the religious practitioner. We will see how children and adults learn to be religious and to experience the divine.


Vooraf lezen:

Orsi, Robert (2012). "Material children: Making god's presence real through catholic boys and girls" in Religion, Media and Culture: A Reader, G. Lynch, J. P. Mitchell, & A. Strhan (eds.), 147-158. London: Routledge.


Verdieping (facultatief):

Luhrmann, Tanya M. 2012. "Metakinesis. How God Becomes Intimate in Contemporary U.S. Christianity" in American Anthropologist 106(3), 518—528.
Meyer, Birgit 2008. "Media and the Senses in the Making of Religious Experience: An Introduction" in Material Religion 4(2), 124-135.
Week 4

Maandag 30 november 2015
Werkgroep 4 (RvG)

Maandag 30 november 2015

Hoorcollege 7 Moraal en zedelijkheid, en de eigen groep. (RvG)

"The scope of ethics is determined by our thick relations, which determine whoe our metaphorical neighbor is. But then the hard question arises, What thick relations? The actual ones we happen to have, or the one we are assumed to have or ought to have, which might, in their most extensive scope, encompass all of humankind? Thus morality turns into ethics." Margalit, p. 45

Wat er op college besproken wordt
De zedelijkheid (ethiek) die bij een groep van kracht is, geldt locaal en veronderstelt volgens Margalit herinneringen aan belangrijke kwesties de groep aangedaan. De moraal geldt daarentegen voor alle mensen, en is het product van een universeel gedachte redelijkheid. Kan een universele moraal een praktijk zijn? Wat zijn de verschillen tussen ethiek en moraal?


Vooraf lezen:

Avishai Margalit. 2002. "Past Continuous" in The Ethics of Memory, 48–83. Cambridge, Mass., London: Harvard University Press.


Verdieping (facultatief):

Avishai Margalit. 2002. A Moral Witness, in “The Ethics of Memory”, 147–182. Cambridge, Mass., London: Harvard University Press.
Avishai Margalit. 2002. Introduction, in The Ethics of Memory, 1–17. Cambridge, Mass., London: Harvard University Press.
Donderdag 3 december 2015

 

Geen college. Bereid je voor op de tussentoets

Week 5
Maandag 7 december 2015, 13.30-16.30 uur

Tussentoets

Drift 13, 0.04

Alle stof die tot nu toe behandeld is.


Donderdag 10 december 2015

Hoorcollege 8 Rituelen als basis voor de moraal. (RvG)

'Jij geeft om het schaap. Ik geef om de ceremonie.' Confucius

Wat er op college besproken wordt
"In het derde boek van de Analects van Confucius lezen we hoe de Meester een terugkeer naar de zuiverheid en oprechtheid van de oude ceremonies bepleit. Hij betreurt bijgeloof en het louter uitwendige gehoorzamen aan vormen. Dan vraagt Tzu-kung, een van zijn leerlingen over de maandelijkse ceremonie waarbij de nieuwe maan door de voorouders wordt aangekondigd. Zou het niet beter zijn, vraagt hij, als de praktijk van het offeren van een schaap gestopt werd? Confucius wijst hem zacht terecht. Hij noemt hem bij zijn roepnaam. 'Ssu', zegt hij, 'Jij geeft om het schaap. Ik geef om de ceremonie.'"
Wat is de waarde van ceremonies (ook de ogenschijnlijk zinloze) voor de gemeenschap die ze uitvoert? Zijn er normen van correctheid voor die uitvoering? Is er een analogie met de kunstpraktijk?


Vooraf lezen:

Richard Wollheim. 1993. “The Sheep and the Ceremony.” In The Mind and its Depths, 1–21. Cambridge (Mass.), London (England): Harvard University Press.
Hollis, Martin. 1968. “Reason and ritual.” Philosophy 43 (165): 231–247.


Verdieping (facultatief):

Frits Staal. 1986. Hoofdstuk “De zinloosheid van het ritueel” in Over zin en onzin in filosofie, religie en wetenschap, 295–321. Amsterdam: Meulenhoff.
Week 6

Maandag 14 december 2015
Werkgroep 5 (KR)

Maandag 14 december 2015

Hoorcollege 9 Dynamics of Rituals: The Transformation of Funeral Practices (KR)

"[A]t the vast majority of Zen temples [in Japan]—and there are about twenty thousand Zen temples versus only seventy-two monasteries—no one practices art, no one meditates, and no one actively pursues the experience of enlightenment. [...] Once monks return to their local village temple, lay-oriented ceremonies, especially funeral services, occupy their energies to the total exclusion of either Zen art or Zen meditation." William M. Bodiford, "Zen in the Art of Funerals," 149.

Wat er op college besproken wordt
Ritual practices are considered an important part of religion. What is a ritual? Which functions do rituals have and for whom? Looking at the role of rituals in Buddhist traditions in Japan and especially at funeral rites and their transformation, we will analyze the different agents involved in funeral rituals and the respective functions funerary rites have for the them. Further, we will discuss how ritual practices relate to questions of authority, transmission, and efficacy.


Vooraf lezen:

Rowe, Mark. 2000. "Stickers for Nails. The Ongoing Transformation of Roles, Rites and Symbols in Japanese Funerals" in Japanese Journal of Religious Studies 27 (3-4), 353—378. Sharf, Robert H. 2005. "Ritual" in Critical Terms for the Study of Buddhism ed. Donald S. Lopez, 245—270 (read only 245—259).


Verdieping (facultatief):

Bodiford, William M. 1992. "Zen in the Art of Funerals: Ritual Salvation in Japanese Buddhism" in History of Religions 32(2), 146—164.
Grimes, Ronald L. 2014. Chapter "Dynamics of Ritual" in The Craft of Ritual Studies, 294-337, Oxford: Oxford University Press.
Donderdag 17 december 2015

Hoorcollege 10 Practices of Exchange: Christmas (KR)

"When consumers give or exchange Christmas gifts, I would suggest that, boiling it down, they do so for one of three basic reasons: to express affection; to fulfill social obligations; or to engage in reciprocal trade." Bruce David Forbes, Christmas: A Candid History, 126.

Wat er op college besproken wordt
For many people in the US, in Europe, and in Asia, the end of the year season is regarded as a festive season and exchanging presents is an integral part of it—whether or not these people regard themselves as practicing Christians. What, then, is Christmas and the practice of exchanging gifts in secular societies? Is it a religious practice? A consumerist practice? A cultural practice? Is it everywhere the same? What further practices are involved in creating Christmas as a distinct social event and which functions do practices of exchange have in that context?


Vooraf lezen:

Schmidt, Leigh Eric. 1997. Chapter "Practices of Exchange: From market culture to gift economy in the interpretation of American religion" in Lived Religion in America: Toward a History of Practice ed. David. D. Hall, 69—91, Princeton: Princeton University Press.


Verdieping (facultatief):

Forbes, Bruce David. 2007. Chapter "And Then There Was Money" in Christmas: A Candid History, 109—135, Berkeley: University of California Press.
Moeran, Brian & Lise Skov. 2001. Chapter "Cinderella Christmas: Kitsch, Consumerism and Youth in Japan" in Unwrapping Christmas ed Daniel Miller, 105—129, Oxford: Clarendon.
Week 7 en 8
Maandag 21 december 2015 tot en met zondag 3 januari 2016.

Kerstvakantie, geen colleges

Gebruik je tijd goed: om je tweede "beste reflectie" te herschrijven, en je voor te bereiden op de eindtoets


Week 9

Maandag 4 januari 2016
Werkgroep 6 (RvG)

Maandag 4 januari 2016

Hoorcollege 11 Kunst, een praktijk, in de publieke ruimte? (RvG)

"Het woord `kunst' en al zijn verwanten worden geleerd in verband met leren hoe te kijken, lezen en luisteren—in een woord, samen met de ontwikkeling van esthetische gevoeligheid en waardering—en het zijn de vele facetten van deze activiteiten die het woord zijn vele gebruiken geven."
Benjamin Tilghman, But is it Art?, p. 67

Kunst is notoir lastig te definiëren: wat hebben schilderkunst, literatuur, muziek, dans, film en performance-kunst met elkaar gemeen? Bij alles wat is voorgesteld, blijkt dat er dingen en gebeurtenissen die evident kunst zijn door worden uitgesloten en dat dingen die zeker geen kunst zijn worden ingesloten. Is er sprake van een familiegelijkenis, zoals Wittgenstein misschien zou voorstellen? We bespreken de poging om kunst circulair te definiëren als een praktijk, waarin alle onderdelen, handelingen, instituties en producten intern op elkaar betrokken zijn.

Kunst in de publieke ruimte, gelden daar andere criteria voor? Mag daar alles wat in de musea mag? Een publiek kunstwerk ontleent zijn betekenis vaak voor een deel aan zijn omgeving, het is "site-specific". Dus het valt te verwachten dat een publiek kunstwerk zijn publiek roert (in positieve of negatieve zin, zoals we dat van kunst gewend zijn). Ben je dan niet heel klein-burgerlijk als je bezwaar maakt tegen een bepaald publiek kunstwerk? (Mag men eisen dat mensen niet "klein-burgerlijk" zijn?)

Vooraf lezen:

Kelly, Michael. 1996. “Public art controversy.” Journal of Aesthetics and Art Criticism 54:1, 15–22.
Hein, Hilde. 1996. “What is Public Art? Place, time and meaning.” Journal of Aesthetics and Art Criticism 54:1, 1–7.
Gregg M. Horowitz. 1996. “Public Art/Public Space: The Spectacle of the Tilted Arc Controversy.” Journal of Aesthetics and Art Criticism 54:1, 8–14.
Richard Serra: Tilted Arc

Richard Serra: Tilted Arc.

March 11 1989, a 12-foot-high, curving, inclined wall of corten steel in Federal Plaza, New York.


Verder lezen? (Geen toetsstof)

Danto, Arthur C. 1987. “Tilted Arc and Public Art.” In The State of the Art, 90–95. New York: Prentice Hall Press.
Rob van Gerwen. 2004. “Ethical Autonomism. The Work of Art as a Moral Agent.” Contemporary Aesthetics, vol. 2.
Rob van Gerwen. 2015. “Artists' Experiments and Our Issues with Them. Toward a Layered Definition of Art Practice” Estetika: The Central European Journal of Aesthetics (New Series) (ms).
donderdag 7 januari 2016

Hoorcollege 12 Bible Practices: Reading, Hearing and Handling the Word of God (KR)

"The Bible as a ritual and material object has been frequently overlooked in the academic study of religion, particular in the study of Christianity. [...] This attitude has created a blind spot in scholarship toward the material and ritual contexts of many 'normal' Christian practices, such as Bible ownership, display, and reading, and the social and economic modes of production that make these practices possible." Dorina Miller Parmenter, "Iconic Books from Below," 227.

Wat er op college besproken wordt
What can you do with a Bible besides reading it? What practices pertaining to the Bible are considered proper and which are considered inappropriate? Who says so and why? As proper Bible practices we usually associate first and foremost intellectual-hermeneutical practices such as reading, understanding and interpreting the biblical text. But people have done and still do much more with a Bible than just reading. We will look at different practices pertaining to the Bible ranging from reading the social production of 'authoritative' and 'legitimate' interpretations as well as liturgical, ritual and performative practices that draw on the iconicity of the Bible.


Vooraf lezen:

Bielo, James S. 2008. "On the failure of 'meaning': Bible reading in the anthropology of Christianity" in Culture and Religion Vol. 9(1), 1-21.


Verdieping (facultatief):

Bielo, James S. 2009. Chapter "Reading the Bible" in Words Upon the Word: An Ethnography of Evangelical Group Bible Study, 47—72, New York: New York University Press.
Parmenter, Dorina Miller. 2015. Chapter "Iconic Books From Below: Ritual Uses of the Christian Bible" in Iconic Books and Texts ed. James W. Watts, 225-238, Sheffiled: Equinox.
Rakow, Katja. 2015. "The Bible in the Digital Age" in Christianity and the Limits of Materiality ed. Minna Opas & Anna Haapalainen, Bloomsbury (forthcoming 2016) (ms).
Week 10
Maandag 11 januari 2016, 13.15-17.00 uur: ICU Descartes,
groep A: 006; groep B: 007

Conferentie

Paper presentaties door studenten, van ongeveer 10 minuten, plus 5 minuten discussie. Onderwerpen: uitwerking van een of enkele reflecties, of enige andere stelling met betrekking tot de stof.

Maandag 11 januari 2016: Deadline tweede beste reflectie: stuur aangehecht aan een mail naar Rob van Gerwen, de cursus-coördinator.

Donderdag 14 januari 2016

Geen college

Bereid de eindtoets voor.

Week 11
maandag 18 januari 2016, 13.30-16.30 uur

Eindtoets

Alle stof sinds de tussentoets.
MIN, 2.08 (Minnaert-gebouw)